Discussie: Waar laat ik mijn handen?

V vertelacademie

In de verdiepingscursus wordt onder andere dialoog en het ruimtelijk neerzetten van een verhaal getraind. Geïnspireerd door een video van een Amerikaanse verteller ontspon zich op (het inmiddels gesloten gedeelte van) het Vertelforum een discussie over dit thema.

 11 Sep 2010 18:01

Dag beste forum lezers,

Dit filmpje over het maken van gebaren tijdens het vertellen vond ik op You Tube: http://www.youtube.com/watch?v=BQzmtdvh ... re=related

Is dit wat?

Groet, Sebas

 

Dag vertellers,

Interessant filmpje.
Ik sluit mij aan bij dat Sean zegt over het gebruik van gebaren en de werking van beelden.
En leuk om te zien hoe hij hetzelfde verhaal vertelt zittend aan een tafel.

Omdat we deze verteller waarschijnlijk geen van allen persoonlijk kennen lijkt dit mij een goede gelegenheid om de vertelling eens tot op de millimeter te analyseren….


Sean maakt een gebaar om het beeld van de vogel die rondvliegt en rondvliegt te ondersteunen.
Geeft dit gebaar de luisteraar ook informatie over, bijvoorbeeld, de snelheid waarmee te vogel vliegt of de hoogte, of zijn temperament? Ken je een manier om deze informatie zonder woorden zo te communiceren dat de luisteraar zich meteen een krachtig beeld vormt van de rondvliegende vogel?

Tijdens de uitleg na het verhaal lijkt de boom groter dan tijdens de vertelling zelf. Waar komt dit door? (En dan bedoel ik niet dat Sean ter wille van de uitleg, bij het kijken naar de boom, zijn lichaam groter maakt dan tijdens de vertelling zelf).

Er zit een halve dialoog (of eenzijdige dialoog) in het verhaal. (Alleen de vos spreekt, we zien de kraai wel non-verbaal reageren op wat de Vos zegt). Heb je, lettend op de kijkrichtingen, een duidelijk beeld van de plattegrond van het verhaal?. (Waar is wie en wat?).


Groet, Raymond

 

Hallo Raymond, hierbij mijn antwoorden.

antwoord op de 1e vraag:
Het gebaar van Sean geeft geen info over de snelheid of de hoogte of zijn temperament. Het benadrukt alleen, dat de kraai "rond" vliegt. Een andere manier, zonder woorden, is misschien naar boven kijkend, met je bovenlichaam een ronddraaiende beweging maken.

antwoord op de 2e vraag:
Bij de vertelling gebruikt hij ook een hand om de hoogte aan geven, bij de uitleg geeft hij alleen een indruk van de hoogte door omhoog te kijken. Het gebruik van zijn hand "beperkt" de hoogte enigszins, is mijn indruk. Bij het vallen van de kaas maakte Sean ook een beweging, maar daaruit bleek niet, dat het stuk kaas vanuit een enorme hoge boom viel.

antwoord op de 3e vraag:
Ik heb wel een duidelijk beeld; de kraai (hoog) in de boom en de vos beneden op de grond. Sean laat de vos omhoog kijken, maar de kraai niet (echt) naar beneden kijken. De verteller bevind zich ook op de grond, leek me. Daarna het vallen van de kaas, een tuimelende beweging.

'k Ben benieuwd wat jij vindt.

Met vriendelijke groet,
Ad

 

Hoi,

Net een heel verhaal getypt, maar op een verkeerde knop ofzo gedrukt---> tekst weg

Nu dus maar even in het kort: ik vind dat Sean levendig verteld en dat hij mooi de tijd neemt voor zijn gebaren. Ze zijn alleen wel een beetje klein. Ik krijg daardoor de indruk van een klein bosje, beetje benauwd ook. Ook de vlucht van de kraai kan veel grootser. En de boom een stuk hoger. Dat gaat dan weer beter bij de uitleg, daar buigt hij helemaal achterover. Kijk, dan krijg je een BOOM!

Leuk om te zien, zo'n filmpje!

Groet, Karin

 

Hallo,

Ik heb het filmpje bekeken en wil er het volgende over zeggen:

Vraag 1:
Het gebaar geeft aan dat de de vogel in cirkels vliegt, maar niet hoe hoog en het vertelt verder niets over het temperament.
Je kunt de ogen en/of hoofd gebruiken om het rondvliegen van de vogel aan te geven. Het temperament van de vogel kun je door middel van je houding aangeven (bijvoorbeeld een trotse vogel: rechtop, borst vooruit en een wat schuwe, schrikkerige vogel: de schouders wat opgetrokken en wat schrikachtige bewegingen).

Vraag 2:
Dat komt omdat hij zich achterover buigt en echt omhoog kijkt.

Vraag 3:
Je krijgt wel een idee: de kraai zit hoog en de vos zit laag.

Ik vond het een erg leuk om het filmpje te bekijken. Het viel mij wel op dat hij de bewegingen 'klein' houdt. Hij heeft een prettige stem om naar te luisteren, de pauzes vond ik niet erg lang.
Er zat vaart in het verhaal.
Erg leuk!

Groetjes,
Karin W

 

Hoi allemaal,

Hieronder mijn overwegingen. J

Allereerst wat betreft het rondvliegen van de vogel:
De beweging die de verteller maakt suggereert eerder dat de kraai kleinere, snellere rondjes vloog dan de verteller eigenlijk wil zeggen. Wanneer hij de cirkels langer laat duren, komt meer het zoekende, dwalende aspect naar voren. Dat zegt nog niets over de manier van bewegen van de vogel zelf trouwens.
Door het rondvliegen niet met je hand, maar met je blik te volgen, zegt het meer over hoe snel de vogel vliegt en hoe zo’n ‘rondje’ er uit ziet: stopt hij nog ergens of vliegt hij werkelijk alleen maar rond. Vliegt hij hoog boven de bomen of huizen uit, of vliegt hij juist op ooghoogte. Een arend zal hoog in de lucht werkelijke cirkels trekken. Een hongerige kraai verwacht ik meer tussen ooghoogte en de dakgoot. Af en toe even neerdalend op een tak of dak om rond te kijken naar iets lekkers. Door die beweging te volgen zeg je al meer over de vliegbeweging dan wanneer je alleen cirkels aangeeft met je hand.
Ook kun je met lichaamshouding wat zeggen over wat voor soort temperament de vogel heeft.

De hoogte van de boom: Ik vind het grootste verschil toch zitten in het feit dat hij tijdens de uitleg met z’n hele lijf, consequent de beweging uitvoert, inclusief zijn stem. Tijdens het verhaal is het gebaar minder sterk uitgebeeld. Is het vooral in het begin bijna een onbelangrijke beweging zoals hij het neerzet. Hij beweegt op dat moment van zijn ene been op de andere, wat niet ondersteunend is voor het gebaar van de grote, indrukwekkende boom. Door even een pauze in het vertellen in te bouwen terwijl je naar de boom blijft kijken, ondersteun je je gebaar van de grote boom en geef je je luisteraar de gelegenheid om de grootte van de boom tot zich door te laten dringen! Hij heeft het zelf over ‘linger’, het gebaar laten bestaan om je publiek mee te nemen in wat jij allang gezien hebt. Ik vind dat hij dat daar niet overtuigend gedaan heeft. Hij laat zijn hand nog wel de hoogte van de boom aangeven, maar zijn lijf en hoofd laten dat minder lang en minder overtuigend zien.

Plattegrond tijdens de eenzijdige dialoog: Je krijgt wel een beeld van waar de kraai zit en waar de vos, omdat de verteller af en toe richting kraai kijkt wanneer hij de vos laat praten. Dit wordt alleen niet consequent doorgezet.
In de rest van het verhaal vind ik de plattegrond overigens veel minder goed neergezet. De gebaren ondersteunen wel wat hij vertelt, maar waar de kraai nou precies de kaas vindt, is niet duidelijk. Het gebaar suggereert dat het vlak voor de verteller is..

Groet,

Saskia.

 

ag Ad, Karin en Karin, Saskia en alle andere lezers,

Wat leuk om jullie reacties op deze video te lezen. En ik moet zeggen, dat jullie weer dingen zagen die ik nog niet had gezien…

Klopt, wat jullie schreven, door naar de kraai te kijken geef je je publiek meer informatie over de rondvliegende kraai. In feite is het volgen van de kraai met je ogen (en je hoofd iets meebewegen) al genoeg. Over wat Saskia schreef had ik nog niet nagedacht; dat een kraai weer andere vliegbewegingen heeft dan bijvoorbeeld een adelaar.

Ik sluit me aan bij wat jullie schrijven over de boom van een boom. Allereerst is de beweging met het lichaam groter als de verteller naar de boom kijkt tijdens de uitleg en hij neemt er meer tijd voor. Maar het is ook die beweging/aanduiding met de hand die de boom meteen kleiner maakt. Je kunt gerust de regel hanteren dat wijzen iets kleiner maakt. En als je daar op gaat letten blijken er in verhalen heel wat bonsaiboompjes voor te komen en wonen vele koningen in miniatuurkastelen.
Ad wees ons nog op iets anders; de verteller had de vallende kaas met z ’n blik kunnen volgen. De val moet dan wel ingezet worden door als eerste te kijken naar de plek in de ruimte waar eerder de tak duidelijk is gesitueerd. Ik heb het uitgeprobeerd voor de spiegel; als je iets vertraagt en met een minimale beweging van het hoofd de kaas volgt heb je dezelfde cirkels als met het handgebaar. Alleen nu vormt het publiek zich ook meteen een beeld van het stukje kaas dat uit de boom valt.

En dan de plattegrond van het verhaal. De mis en scene is in de eerste plaats duidelijk door de woorden die gebruikt worden. De kraai in de boom en de vos onder de boom, deze laatste op dezelfde plaats als de verteller.
Toch twijfelde ik even, toen ik het filmpje voor de eerste keer zag, wie er op een bepaald moment aan het woord was. (Wellicht kwam dat doordat ik niet goed luisterde en vooral naar de beelden keek, misschien omdat de tekst even leek te haperen).
Ik ben het eens met wat hierboven gezegd wordt. Dat met de kijkrichtingen kan consequenter doorgezet worden. Zo kan de kraai als hij zich van trots groot maakt, even naar de vos kijken. Dat maakt meteen de onderlinge relatie duidelijker. We zien dan namelijk hoe de vlijende woorden bij de kraai aankomen, hoe hij ze incasseert en hoe dit iets in hem verandert. (Doordat we de uitwerking van de woorden zien, maakt het de vos geniepiger; we zien hoe de hij met woorden speelt).
Ook de vos kan verlekkerd naar de kaas kijken als hij zegt; ”I want that cheese.” (Nu kijkt hij naar het publiek en de alwetende verteller die hem inleidt naar de boom).

Wat Karin schrijft over het fysiek uitspelen van de personages; daar lenen deze personages zich natuurlijk goed voor. (De kraai met een minderwaardigheidscomplex die letterlijk gaat groeien door de woorden van de doortrapte slijmende vos).

Ik vind ook dat de verteller een prettige stem heeft om naar te luisteren, maar af en toe een pauze zou fijn zijn. Dat stelt het publiek in de gelegenheid om de beelden te maken.

Leuk om zo samen naar een filmpje te kijken.
(Er staan op de YouTube pagina trouwens nog meer filmpjes van Sean zag ik).

Groet, Raymond